Laatste update: 19-06-2021, 22:46 uur

Het zijn bizarre tijden met een ongekende impact op ons dagelijks leven, zowel privé als zakelijk. Uiteraard gaat de gezondheid voor alles en hopen wij van harte dat jij en je naasten gezond blijven. De onzekerheid en eventuele financiële gevolgen kunnen ook stress geven; deze kunnen wij niet wegnemen. Wel hopen wij met deze website duidelijkheid te verschaffen voor welke steunmaatregelen jij met je bedrijf in aanmerking zou kunnen komen.

Let op: uiteraard moeten wij hierbij een aantal flinke slagen om de arm houden, aangezien de voorwaarden die gelden voor de steunmaatregelen nog niet duidelijk zijn. Wij raden je dan ook aan om de website van de overheid met nieuws over het coronavirus en de maatregelen in de gaten te houden.

Zie: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-covid-19

Daarnaast raden we je aan om contact op te nemen met je financieel adviseur (financieel planner/administratiekantoor/accountant). Die weet wat er speelt in je bedrijf, en die kan je ook verder helpen en ondersteunen met de aanvragen.

Update Tegemoetkoming loonkosten personeel (NOW) (23-6-2020)

25 juni a.s. zal het kabinet de nieuwe NOW-regeling publiceren, de NOW 2.0, met de voorwaarden voor het tweede noodpakket (juni t/m september). Het tweede noodpakket kent enkele wijzigingen t.o.v. het eerste noodpakket.

De wijzigingen zijn o.a.:

  • verlenging subsidietijdvak naar vier maanden
  • de maand waarop de loonsom wordt vastgesteld is de maand maart
  • de forfaitaire opslag wordt verhoogd van 30% naar 40%
  • de extra korting van 50% bij bedrijfseconomisch ontslag vervalt

Daarnaast gelden er o.a. de volgende verplichtingen:

  • geen winstuitkering aan aandeelhouders doen
  • geen bonussen aan het bestuur en de directie uitkeren
  • geen eigen aandelen inkopen
  • inspanningsverplichting om werknemers te stimuleren om aan bij- en omscholing te doen
  • bij ontslag van meer dan 20 werknemers, akkoord vakbond of andere personeelsvertegenwoordiging

Verlenging Noodpakket voor Caribisch Nederland (23-6-2020)

Het noodpakket voor inwoners en bedrijven op Bonaire, Sint-Eustatius en Saba, vanwege het coronavirus, is met vier maanden verlengd tot 12 oktober 2020. Inwoners en bedrijven van deze eilanden zijn onderdeel van Nederland en kunnen daarom van vergelijkbare maatregelen, zoals ook in Europees Nederland getroffen, gebruik maken.

De coronacrisis heeft een enorme impact op de samenleving van Caribisch Nederland. In termen van gezondheid zijn de eilanden tot nu toe goeddeels gevrijwaard gebleven van het coronavirus. In economische zin zijn Bonaire, Sint Eustatius en Saba zwaar getroffen. De toeristische sector waar een groot deel van de economie op drijft, is tot stilstand gekomen.

Het kabinet voegt naast al bestaande maatregelen ook enkele nieuwe maatregelen toe. Zo is er onder meer de tijdelijke loondervingsregeling, wordt de tijdelijke regeling tegemoetkoming voor vaste lasten uitgebreid (tot een maximum van € 50.000,– voor bedrijven) en wordt tijdelijk de KCC-regeling (Klein Krediet Corona-regeling) toegevoegd voor kleine ondernemers. Daarnaast stelt het kabinet € 1,3 miljoen beschikbaar zodat de openbare lichamen burgers en bedrijven die dat nodig hebben aanvullend tegemoet kunnen komen vanuit eilandelijk beleid.

Dit tweede noodpakket is op 19 juni jl. namens de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de bewindspersonen van Economische Zaken en Klimaat, de bewindspersonen van Financiën, de minister van Infrastructuur en Waterstaat en de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar de Tweede Kamer gestuurd.

Update Bijstand voor zelfstandigen (Tozo) (22-6-2020)

De hoogte van de Tozo-uitkering is afhankelijk van bijvoorbeeld je leeftijd en je gezinssituatie. De Rijksoverheid heeft de meest gestelde vragen hierover op een rij gezet.

Hoe hoog is het normbedrag voor jou als jongere tussen de 18 en 21 jaar?

Zonder kinderen

  • Ben je alleenstaand en 18, 19 of 20 jaar, dan is het normbedrag € 259,78 netto per maand.
  • Ben je getrouwd (of daarmee gelijkgesteld) en zijn jullie beiden 18, 19 of 20 jaar, dan is het normbedrag € 519,56 netto per maand.
  • Ben je getrouwd (of daarmee gelijkgesteld) en is de een 18, 19 of 20 jaar en is de ander 21 jaar of ouder, dan is het normbedrag € 1.011,44 netto per maand

Met kinderen

  • Ben je alleenstaande ouder en 18, 19 of 20 jaar, dan is het normbedrag € 259,78 netto per maand.
  • Ben je getrouwd (of daarmee gelijkgesteld) met kinderen en zijn jullie beiden 18, 19 of 20 jaar, dan is het normbedrag € 820,22 netto per maand.
  • Ben je getrouwd (of daarmee gelijkgesteld) met kinderen en is de een 18, 19 of 20 jaar en is de ander 21 jaar of ouder, dan is het normbedrag € 1.312,10 netto per maand

 

Waarom krijgt een alleenstaande zelfstandige € 1.050,– en een samenwonende €1.500,–? 

De gemeente verstrekt de uitkering aan een huishouden op basis van de Participatiewet. De uitkering is een aanvulling tot het sociaal minimum oftewel bijstandsniveau. Dat betekent dat de gemeente het inkomen van een alleenstaande zelfstandige aanvult tot € 1.050. Voor gehuwden en samenwonenden (ook als beide partners zelfstandigen zijn) vult de gemeente het inkomen aan tot een bedrag van € 1.500,– netto.

 

Waarom krijg ik als alleenstaande zelfstandige met kinderen hetzelfde bedrag als mijn vriendin zonder kinderen?

De Tozo kent de basisregels van de Participatiewet. De Participatiewet is met ingang van 1 januari 2015 de basis voor de bijstandsverlening. Nieuw in die wet is dat een alleenstaande ouder van de gemeente hetzelfde bedrag ontvangt als een alleenstaande. De alleenstaande ouder krijgt via het kindgebonden budget van de Belastingdienst een aanvulling voor de kosten van de kinderen. De gemeente betaalt dus niet langer een bijdrage uit die voor de kinderen is bestemd. Die bijdrage zit in het kindgebonden budget dat dus niet de gemeente maar de Belastingdienst uitbetaalt.

 

Krijgt mijn partner automatisch een loonheffingskorting als ik een Tozo-uitkering ontvang?

De gemeente vraagt bij de verlenging van de Tozo ook naar het inkomen van de partner van de zelfstandige. Dit houdt in dat als het gezamenlijk inkomen op of boven het geldende sociaal minimum verkeert, er geen recht bestaat op de Tozo-uitkering. Als het gezamenlijk inkomen onder het sociaal minimum zich bevindt en als je aan de betreffende criteria in de Tozo voldoet, kun je als zelfstandige en je partner in aanmerking komen voor aanvullende Tozo-inkomensondersteuning.

Indien er sprake is van een gezinssituatie kent de gemeente de uitkering toe aan jou en je partner, ieder voor de helft. Daarbij berekent de gemeente loonheffing over de  Tozo-uitkering en past ze standaard een loonheffingskorting (ongeveer € 207,– per maand) toe op de berekende en te betalen loonheffing. Als je als zelfstandige ook een inkomen hebt uit loondienst, dan gaat de loonheffingskorting die op dat inkomen is toegepast af van de loonheffingskorting over jouw helft van de Tozo-uitkering.

Dat houdt in dat de gemeente op de helft van de Tozo-uitkering die ze toekent aan je partner de volledige loonheffingskorting toepast. Als je partner nog andere inkomsten heeft waarop ook al loonheffingskorting is toegepast, dan betekent dit dat je partner dus te weinig loonheffing betaalt. Volgend jaar volgt dan een aanslag van de Belastingdienst. Het is goed om hiermee rekening te houden.

 

Valt mijn privévermogen buiten de beoordeling van de aanvraag voor Tozo?

Bij de vaststelling van het eigen en totaal vermogen wordt geen onderscheid gemaakt tussen het zakelijk en privé vermogen van een zelfstandige. Het ontbreken van de vermogenstoets geldt voor de aanvraag voor inkomensondersteuning en in mindere mate voor de lening bedrijfskapitaal. Om de noodzaak van een lening voor bedrijfskapitaal aan te tonen, moet je aannemelijk maken dat je niet voldoende liquide middelen hebt om zakelijke rekeningen en/of vaste bedrijfslasten te kunnen betalen. Hierbij zal de gemeente ook kijken naar het geld dat je direct beschikbaar hebt in kas of op de bank of naar het saldo op de bank- en spaarrekeningen van het huishouden dat je alleen of met je partner hebt.

 

Als zelfstandig ondernemer heb ik een lening van meer dan € 10.157,– nodig voor bedrijfskapitaal. Kan ik dan meer dan één aanvraag Tozo indienen?

Wanneer je al eerder in de Tozo bijstand ter voorziening in de behoefte aan bedrijfskapitaal hebt aangevraagd en toegekend gekregen, maar het maximale bedrag van € 10.157,– nog niet is bereikt, kun je nog een aanvullende aanvraag doen tot het maximum van € 10.157,– is bereikt. Als je meer dan € 10.157,– nodig heeft, kun je een aanvraag doen voor het reguliere Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz). Als je voldoet aan de voorwaarden voor de Tozo-lening bedrijfskapitaal , kun je ervoor kiezen om een deel van het benodigde bedrag op basis van de Tozo aan te vragen en het overige deel op basis van het Bbz. Ook kun je bezien of je in aanmerking komt voor de regeling kleine corona kredieten van het ministerie van Economische Zaken.

 

Ik heb in februari gewerkt, de factuur is in juli betaald. Heeft dat invloed op mijn Tozo-uitkering?

Bij het berekenen van de Tozo-uitkering hoef je alleen inkomsten op te geven voor werk dat je verwacht te verrichten in de periode waarover Tozo wordt aangevraagd. Betalingen van facturen in deze periode voor eerder verricht werk kun je buiten beschouwing laten. Een factuur die betaald wordt in juli, maar waarvan het werk is verricht in februari, wordt dus niet betrokken bij het berekenen van de Tozo-uitkering.

 

Moet de Tozo uitkering worden opgegeven bij de inkomstenbelasting over het jaar 2020?

Ja, de uitbetaalde Tozo uitkering is inkomen dat je moet opgeven in je aangifte inkomstenbelasting over het jaar 2020. De uitkering moet apart worden opgegeven en is dus geen onderdeel van de omzet.

In het eerste kwartaal van 2021 stuurt de gemeente je een jaaropgave. Als je samen met je partner een Tozo-uitkering hebt gekregen dan ontvangen jij en je partner beiden een jaaropgave voor de helft van de totaal verstrekte uitkering. Het vermelde bedrag is inclusief de door de gemeente afgedragen loonheffing. Het bedrag zal dus hoger zijn dan de door jou/jullie ontvangen netto uitkering. Het op de jaaropgave vermelde inkomen moet jij (en je partner) opgeven bij je aangifte inkomstenbelasting 2020. Als je via de site van de belastingdienst inlogt, vink je onder het kopje ‘Pensioen en andere uitkeringen’ aan: ‘uitkeringen, zoals AOW, WW, WAO, WIA en Wajong’. En vervolgens uit de lijst kiezen voor ‘Bijstandsuitkering (Participatiewet)’. Daarna kun je de hoogte en de ingehouden loonheffing zoals vermeld op de jaaropgave invoeren.

 

Moet ik de steun vanuit de EZK noodloketten TOGS en Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB (TVL MKB) opgeven aan de gemeente?

Nee, de bedragen die je vanuit TOGS en TVL MKB ontvangt hoef je voor de Tozo inkomensondersteuning niet op te geven aan de gemeente. Wél moet je bij de aanvraag van de Tozo-lening bedrijfskapitaal aangeven of je hier gebruik van maakt. En aannemelijk maken dat je desondanks nog steeds onvoldoende direct beschikbare geldelijke middelen hebt om de vaste lasten van het bedrijf mee te betalen.

 

Waar vind ik alle informatie over de (oude) TOZO 1 terug?

Google op de publicatie ‘Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers TOZO 1.0’.

 

Update Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeidskrachten (TOFA) (22-6-2020)

Ben je een flexwerker en ben je door de coronacrisis  je inkomsten (grotendeels) kwijtgeraakt en kun je bovendien geen uitkering krijgen, dan kun je vanaf vandaag (22 juni) een aanvraag indienen voor de tegemoetkoming TOFA.

Voor wie is de regeling bedoeld?

Om van de Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeidskrachten (TOFA) gebruik te kunnen maken, moet je in februari van dit jaar een sv-loon hebben gehad van minimaal € 400. Daarvan moet je in april minimaal de helft hebben verloren. Tegelijkertijd mag je sv-loon in april ook niet hoger zijn geweest dan € 550,–. Op de TOFA-pagina van UWV kun je kijken of je voldoet aan de voorwaarden:

  • een volledig overzicht van de voorwaarden die gelden voor de regeling, en;
  • een beslisboomwaarmee u meteen kunt zien of u in aanmerking komt voor de tegemoetkoming.

Aanvragen kan tot en met 12 juli

Voldoe je aan alle voorwaarden? Dan heb je 3 weken de tijd om uw aanvraag voor de TOFA in te dienen, van maandag 22 juni tot en met zondag 12 juli 2020.

Wanneer krijg je een beslissing?

Als UWV beslist  dat je de tegemoetkoming krijgt, dan ontvang je eenmalig een bedrag van € 1.650,– bruto voor de periode maart, april en mei 2020 (€ 550,– bruto per maand). UWV streeft ernaar om u binnen 4 weken na je aanvraag een beslissing te sturen.

Wanneer wordt de uitkering TOFA betaald?

Als in de beslissing staat dat je de tegemoetkoming krijgt, dan betaalt UWV het bedrag binnen 10 kalenderdagen. Daarna duurt het meestal nog 3 werkdagen voordat het bedrag op je rekening staat.

Kijk voor meer informatie op de TOFA-pagina van UWV.

Registratiepunt maatwerk huur coronacrisis (17-6-2020)

Heb je als huurder  financiële problemen door de coronacrisis, dan kun je de verhuurder verzoeken om een passende oplossing bij het betalen van de huur. Ondervind jij daarbij problemen met de verhuurder, dan kun je vanaf woensdag 17 juni een melding doen bij het Registratiepunt maatwerk huur coronacrisis van de Huurcommissie. Voor huurders zonder toegang tot internet is er een telefonische helpdesk bereikbaar op (070) 375 43 00.

De Huurcommissie monitort hoeveel huurders problemen ondervinden. Dat gebeurt op verzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Verhuurders hebben aangegeven maatwerk te willen leveren. Zo kan uitstel van betaling, afzien van huurverhoging of gespreid betalen een oplossing zijn. Toch kan het voorkomen dat huurders niet tegemoet worden gekomen.

De registratie is bedoeld voor het monitoren en analyseren van gegevens. De Huurcommissie vraagt verhuurders wel om een reactie maar neemt de registraties niet inhoudelijk in behandeling. Met de verzamelde data kan het ministerie van Binnenlandse Zaken de omvang en aard van de problematiek analyseren een waar nodig aanvullende maatregelen treffen in het huurbeleid. Het registratiepunt blijft in ieder geval tot en met september 2020 actief.

Update Financiële steun zorgverzekeraars voor zorgaanbieders (update 17-6-2020)

Als zorgverlener weet je niet of de vergoeding voor omzetderving na 30 juni a.s. zal doorlopen. De compensatie bedraagt in beginsel het verschil tussen de verwachte omzet in een situatie zonder corona en de gerealiseerde productie. In de beleidsregel heeft de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa ) een rekenregel opgenomen om de hoogte ervan te bepalen. Deze maatregel zou aanvankelijk voor de periode 1 maart tot 1 juni 2020 gelden, maar is inmiddels verlengd tot 1 juli 2020.

Minister De Jonge wil aan de zorgaanbieders meer duidelijkheid geven voor de situatie na 1 juli voor wat betreft de compensatie omzetderving in de Wlz. Om te komen tot een perspectief voor de financiële maatregelen sluit hij aan bij het perspectief voor de herstart van de zorgverlening zelf, die is uitgewerkt in de “Routekaart voor mensen met een kwetsbare gezondheid inzake COVID-19”. In aanvulling op deze routekaarten heeft het veld diverse handreikingen opgesteld die concrete handvatten bieden voor zorgverleners om de herstart mogelijk te maken.

De routekaart maakt duidelijk dat de extramurale zorg per 1 juni is opgestart. Ook krijgt per 1 juni 2020 iedere cliënt in de gehandicaptenzorg – zowel cliënten die thuis wonen,  als in een woonvorm van een zorgaanbieder – een vorm van dagbesteding. Vanaf 15 juni geven alle locaties een invulling aan de mogelijkheid van bezoek en is ook logeren buiten de instelling weer mogelijk. Verpleeghuizen zijn eveneens vanaf 15 juni weer open voor één of meer bezoekers, tenzij er nog sprake is van besmettingen. In het verlengde hiervan kunnen mensen die nu op de wachtlijst staan, ook de stap naar het verpleeghuis maken. Ook is daar de dagbesteding weer opgestart.

Tegelijkertijd realiseert de minister zich dat aanbieders tijd nodig hebben om weer volop in bedrijf te komen en voor de opname van nieuwe cliënten. Aanbieders zullen bij het hervatten van alle zorg en ondersteuning de omschakeling moeten maken naar het ‘nieuwe normaal’. Vandaar dat de minister de NZa heeft gevraagd de maatregel in de Wlz te verlengen tot 1 augustus voor de gehandicaptenzorg (zowel de intramurale zorg als de extramurale dagbesteding) en intramurale ggz (binnen de Wlz) en tot 1 september 2020 voor de intramurale ouderenzorg. Na deze data komen aanbieders in beginsel niet meer in aanmerking voor de vergoeding van de doorlopende kosten.

Voor uitzonderlijke situaties gaat de minister  de NZa vragen om de beleidsregel aan te passen, zodat zorgkantoren de mogelijkheid krijgen om tot uiterlijk 31 december 2020 maatwerkafspraken te maken. De uitwerking van deze uitzonderingsregeling vergt nog nadere afstemming met de NZa en Zorgverzekeraars Nederland. Daarnaast bestaat reeds op basis van de huidige beleidsregel van de NZa de mogelijkheid om extra kosten als gevolg van corona te vergoeden. Deze mogelijkheid loopt door tot 31 december 2020 voor alle aanbieders in de langdurige zorg.

Update Toeristen vanaf 15 juni 2020 weer welkom (17-6-2020)

De reisrestricties voor mensen van buiten Europa zijn verlengd tot 1 juli. Het gaat hierbij om de inperking voor alle niet noodzakelijke reizen van personen vanuit derde landen naar Europa (alle EU-lidstaten, alle leden van Schengen en het VK) met als doel de verspreiding van het COVID19 virus tegen te gaan. Dit betekent dat personen die niet onder de volgende uitzonderingspositie vallen, Nederland niet binnenkomen.

De reisbeperking geldt niet voor de volgende categorieën personen:

  • EU burgers (met inbegrip van onderdanen van het Verenigd Koninkrijk) en hun familieleden die in Nederland woonachtig zijn of hier tijdelijk hun vaste verblijf (gaan) hebben;
  • Onderdanen van Noorwegen, IJsland, Zwitserland en Liechtenstein en hun familieleden; die in deze landen woonachtig zijn of daar tijdelijk hun vaste verblijf (gaan) hebben.
  • Onderdanen van derde landen die in het bezit zijn van een verblijfskaart of een verblijfsvergunning overeenkomstig de richtlijn 2003/109/EC (de Richtlijn langdurig ingezetenen);
  • Onderdanen van derde landen die hun verblijfsrecht ontlenen aan andere Europese richtlijnen of aan het nationale recht van een lidstaat;
  • Houders van een visum voor lang verblijf, inclusief de personen met een machtiging voor voorlopig verblijf (MVV).

Andere personen uit derde landen met een vitale functie of behoefte, waaronder:

  • Zorgpersoneel;
  • Grenswerkers;
  • Personen werkzaam in het transport van goederen en ander transportpersoneel, voor zover noodzakelijk, dit omvat containerschepen, bulkschepen (bv. erts of steekool), tankers (brandstoffen en chemicaliën), visserij, personen werkzaam in de energiesector, dus olie- en gasplatformen en windmolenparken alsmede offshorebedrijven die diensten verlenen aan deze sector, en flight crew;
  • Diplomaten;
  • Militairen;
  • Personeel van internationale en humanitaire organisaties;
  • Personen die zwaarwegende redenen hebben om hun familie te bezoeken; hierbij gaat het om reizen in uitzonderlijke gevallen. Een uitzonderlijk geval is het bezoeken van een terminaal ziek familielid en het bijwonen van een begrafenis. Het is bedoeld voor de eerstegraads- en tweedegraadsfamilieleden. Partner en kinderen zijn eerstegraads en kleinkinderen zijn tweedegraads.
  • Transitpassagiers die via Nederland of een ander Schengenland naar een ander derde land willen reizen;
  • Personen die internationale bescherming behoeven; de grensprocedure is onverkort van toepassing
  • Personen die uit humanitaire overwegingen worden toegelaten.

Nederlanders kunnen weer op vakantie in 16 Europese landen (17-6-2020)

Nederlanders kunnen vanaf nu op vakantie in zestien landen in de EU/Schengen zone. Het reisadvies van het ministerie van Buitenlandse Zaken voor deze landen is afgeschaald van ‘oranje’ naar ‘geel’. Het gaat om de landen België, Bulgarije, Duitsland, Estland, Frankrijk, IJsland, Italië, Kroatië, Letland, Liechtenstein, Litouwen, Luxemburg, Polen, Portugal, Tsjechië en Zwitserland.

Nieuwste op de lijst van landen die per 15 juni hun grenzen hebben geopend is Frankrijk, het land dat volgens het CBS het meeste aantal Nederlandse vakantiegangers trekt. Per jaar gingen meer dan een miljoen Nederlanders in Frankrijk op vakantie.

Naar verwachting zullen de komende weken meer Europese landen hun grenzen openen voor Nederlandse toeristen. Zo is inmiddels bekend dat Oostenrijk de grenzen op 16 juni wil openen voor Europese en dus ook Nederlandse vakantiegangers. Het reisadvies van Verenigd Koninkrijk, Zweden en Denemarken blijft deze zomer naar verwachting op oranje staan. Dat betekent dat vakantiereizen naar deze landen worden afgeraden.

Voor reizen buiten Europa blijft het reisadvies vooralsnog ‘oranje’. De verwachting is dat deze zomer de richtlijnen ook voor sommige landen buiten Europa worden versoepeld. Dit zal zoveel mogelijk in samenspraak gebeuren met andere EU-landen.

Ook waar vakantiereizen weer mogelijk worden, blijven er risico’s. Bij een opleving van het coronavirus kunnen landen opnieuw strenge maatregelen nemen. De situatie kan snel veranderen. Reizigers wordt geadviseerd zich goed voor te bereiden, door het reisadvies van te voren te raadplegen en de reis zorgvuldig te plannen.

Maatregelen om toename mensen met schulden op te vangen (17-6-2020)

Door de coronacrisis zijn veel mensen acuut in de financiële problemen gekomen. Dit kan zorgen voor een sterke toename van het beroep op schuldhulpverlening. Het kabinet treft maatregelen om de financiële gevolgen voor mensen zo veel mogelijk te beperken. Staatssecretaris Tamara van Ark (SZW), verantwoordelijk voor de Brede Schuldenaanpak van het kabinet, kijkt daarbij onder meer naar de mogelijkheid om meer mensen met problematische schulden tijdelijk uitstel van betaling te geven.

Het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) hanteert sinds dit voorjaar een dergelijke noodstopprocedure. Van Ark wil kijken of ze deze noodstop ook bij andere overheidsorganisaties kan inzetten om meer mensen te helpen. Het biedt mensen met problematische schulden de mogelijkheid om vier maanden uitstel van betaling te vragen. Voorwaarde is dat degene zich vervolgens meldt bij de schuldhulpverlening van de gemeente. Besluit de gemeente dat schuldhulp nodig is en wordt deze opgestart, dan kan het uitstel met nog eens acht maanden worden verlengd. De adempauze voorkomt dat mensen, die wel willen maar niet kunnen betalen, dieper in de problemen komen door verhogingen of boetes.

Het kabinet gaat de komende weken om tafel met partijen die betrokken zijn bij de aanpak van schulden en armoede, om deze en andere maatregelen nader uit te werken. Er is daarbij bijzondere aandacht voor het bereiken van groepen die een hoger risico lopen op schulden tijdens de coronacrisis, zoals zelfstandig ondernemers, werknemers met flexibele contracten en jongeren. Hierbij worden ook de adviezen betrokken die de Tijdelijke Werkgroep Sociale Impact recent aan het kabinet heeft uitgebracht.

 

Trek tijdig aan de bel

Staatssecretaris Van Ark roept mensen op om bij beginnende schulden in ieder geval niet af te wachten, maar hulp in te schakelen. Om juist nu geldzorgen te helpen voorkomen en bespreekbaar te maken, wil zij een vervolg geven aan een publiekscampagne over schulden:

Het kabinet heeft al met verhuurdersorganisaties en brancheverenigingen afgesproken dat zij gedurende de crisisperiode in principe geen huisuitzettingen doen. Voor onder meer gerechtsdeurwaarders en overheidsorganisaties geldt dat zij tijdelijk soepeler omgaan met het invorderen van schulden. Ook verlaagt het kabinet tijdelijk de maximale kredietvergoeding om consumenten beter te beschermen tegen hoge kosten van krediet.

 

Brede Schuldenaanpak

Naast deze coronamaatregelen werkt het kabinet met gemeenten, uitvoeringsorganisaties en maatschappelijke organisaties onverminderd door aan het uitvoeren van het Actieplan Brede Schuldenaanpak, een van de doelstellingen van het huidige regeerakkoord. Het gaat om een veertigtal acties op tal van fronten om de schuldenproblematiek terug te dringen, gericht op preventie, snelle en effectieve schuldhulp en een zorgvuldige, maatschappelijk verantwoorde incasso.

Versoepelde toegang desinfectiemiddelen voor professioneel gebruik (17-6-2020)

Door de uitbraak van COVID-19 is de vraag naar desinfectiemiddelen sterk toegenomen. Niet alleen in de zorg, maar ook door andere sectoren die voorheen nauwelijks desinfectiemiddelen gebruikten. Om tekorten te voorkomen, wijzigt staatssecretaris Van Veldhoven (I&W) regelgeving, zodat deze middelen nu ook toegankelijk worden voor een breder professioneel gebruik. Producenten kunnen onder bepaalde voorwaarden hun handdesinfectiemiddelen nu ook tijdelijk aanbieden aan werkgevers buiten de zorg.

Water en zeep

De vrijstelling gaat niet over de antibacteriële handgels die te koop zijn bij de drogist en de supermarkt. De vrijstelling geldt voor desinfectiemiddelen bedoeld voor professioneel gebruik. Dat wil zeggen: voor medewerkers op de werkvloer, en voor klanten en bezoekers in de bedrijfsomgeving van die medewerkers. Voor het overgrote deel van werkend Nederland geldt echter: wassen met water en zeep is voldoende. Bekijk ook de hygiënerichtlijnen van het RIVM.

Zorg

In maart werd al een ruimer aanbod aan toegelaten desinfectiemiddelen beschikbaar gesteld, bedoeld voor professioneel gebruik in de gezondheidszorg. Dat betekent dat sommige bedrijven die normaal gesproken geen desinfectiemiddel maken maar dat wel kunnen, dat vanaf toen ook mochten doen. Deze middelen waren tot vandaag voorbehouden aan de zorg. Nu daar voldoende voorraden zijn, volgt de vrijstelling voor professioneel gebruik voor medewerkers in de andere sectoren. Mocht er toch schaarste in de zorgsector ontstaan, dan kan dit vrijstellingsbesluit geheel of gedeeltelijk worden teruggedraaid.

Producenten en distributeurs die handdesinfectiemiddelen op de Nederlandse markt aanbieden en/of produceren voor een breder professioneel gebruik moeten zich melden bij de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT).

Update Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeidskrachten (TOFA) (11-6-2020)

De voorwaarden van de TOFA zijn bekend. Als flexwerker kun je naar verwachting vanaf 22 juni a.s. bij UWV een aanvraag indienen voor de TOFA, als je als gevolg van de coronacrisis een substantieel inkomensverlies hebt geleden.
De voorwaarden van de regeling zijn vandaag gepubliceerd. Deze zijn:

  • Op 1 april 2020 moet je minimaal 18 jaar zijn en mag je nog niet de AOW-leeftijd hebben bereikt.
  • Je sv-loon over februari 2020 was minimaal € 400.
  • Je sv-loon over maart 2020 was minimaal € 1.
  • Je sv-loon over april 2020 was maximaal € 550.
  • Je sv-loon over april 2020 was minimaal 50% lager dan je sv-loon over februari 2020.
  • Je kreeg over april 2020 geen uitkering of andere tegemoetkoming in je inkomsten.
  • Door verlies van inkomsten door de coronacrisis heb je de TOFA nodig voor de kosten voor levensonderhoud.

Wat is je sv-loon, is dat hetzelfde als het brutoloon?

Het sv-loon is het loon waarover je belastingen en sociale premies betaalt. Dit kan hetzelfde zijn als je brutoloon, maar als op je loon bijvoorbeeld de werknemersbijdrage voor je pensioen wordt ingehouden, dan gaat dit bedrag van je sv-loon eraf. Dat is begrijpelijk want op je pensioen wordt pas belasting ingehouden als je straks met pensioen gaat. Ook een onbelaste onkostenvergoeding en een ontslagvergoeding tellen niet mee voor het sv-loon.
Een auto van de zaak telt wel weer mee voor het sv-loon, dus die moet erbij optellen.

Geen TOFA-uitkering

Je kunt geen beroep doen op de TOFA-uitkering als je over april 2020 een of meer van deze uitkeringen of tegemoetkomingen ontving:
Bijstandsuitkering, Bbz, Tozo, WW, Ziektewet-uitkering, WIA, WAO, WAZ, Wajong, Anw, IOAZ, IOAW, een uitkering van een buitenlandse uitkeringsorganisatie.
Op de website van UWV kun je met vragen en antwoorden bekijken of je aan de voorwaarden van de TOFA voldoet (zie www.uwv.nl en ga naar de TOFA-regeling).

Update Bijzonder uitstel van betaling van belastingen (10-6-2020)

Verlenging bijzonder uitstel. Als je in maart jl. uitstel van betaling hebt aangevraagd vanwege de coronacrisis, dan loopt dat uitstel binnenkort af. Het uitstel is namelijk automatisch verleend voor maximaal 3 maanden. Heb je langer uitstel nodig, dan kun je een verzoek indienen om verlenging van het bijzonder uitstel van betaling. De Belastingdienst zal hiervoor vanaf half juni a.s. een online-formulier op de website zetten.

Wil je bijzonder uitstel van betaling aanvragen voor belastingschulden boven de € 20.000,– dan moet je een verklaring van een derde-deskundige en een liquiditeitsprognose toevoegen aan je verzoek. Ook dat is mogelijk met het nieuwe online-formulier dat vanaf half juni a.s. op de website van de Belastingdienst zal worden gezet.

Update Bijzonder uitstel van betaling van belastingen (10-6-2020)

Verzuimboete btw-aangifte. De kans is groot dat je inmiddels de naheffingsaanslag voor de btw-aangifte hebt ontvangen met een verzuimboete. Heb je nog geen bijzonder uitstel van betaling aangevraagd, maar wil je dit wel doen, dan kun je direct na ontvangst van de naheffingsaanslag bijzonder uitstel aanvragen voor maximaal 3 maanden. De Belastingdienst zal de opgelegde betaalverzuimboete vernietigen. De boete hoeft niet betaald te worden en er hoeft ook geen bezwaar te worden gemaakt.

Als je al bijzonder uitstel van betaling hebt aangevraagd en nu een nieuwe aanslag ontvangt met daarop een boete, dan hoef je uiteraard ook niet te betalen. Ook dan zal de Belastingdienst de opgelegde betaalverzuimboeten vernietigen.

Ontwikkelingen arbeidsmarkt en beroep Noodpakket (6-6-2020)

De situatie op de arbeidsmarkt is in april jl. sterk verslechterd t.o.v. maart jl. Het aantal werkenden is met 160.000 gedaald. Dat is de sterkste daling sinds het CBS deze cijfers meet (sinds begin 2003). Er zijn nu ca. 8,8 miljoen werkenden en 314.000 werkelozen (stijging 41.000 personen t.o.v. maart jl.).

Een derde werkt in sectoren die krimpen

Eén derde van alle werknemers werkt in een sector die te maken gaat krijgen met grote of zeer grote krimp van de werkgelegenheid.  Te denken valt aan de sectoren verhuur en overige zakelijke diensten (waaronder uitzendbedrijven), horeca, sierteelt en detailhandel. Deze sectoren komen overeen met de sectoren waarin het totaalbedrag aan WW-uitkeringen in april en maart het hardst stegen, zoals in de sectoren ‘horeca en catering’, ‘uitzendbedrijven’ en ‘schoonmaakbedrijven’. Ongeveer 23% van de werknemers werkt in sectoren die volgens het UWV zullen groeien, zoals de gezondheids- en welzijnszorg, het openbaar bestuur en de post- en koerierssector. De impact op de werkgelegenheid is het grootst voor flexibele krachten. Dat komt deels omdat het voor werkgevers gemakkelijker is om flexkrachten te laten gaan. Volgens het UWV maken sectoren die het hardst getroffen worden daarnaast vaker dan gemiddeld gebruik van flexibele arbeid. Het CBS meldt dat het aantal flexibele contracten aan het einde van het eerste kwartaal van 2020 ten opzichte van hetzelfde moment in 2019 met ongeveer 102.000 is gedaald.

Stijging WW-uitkeringen het hoogst onder jongeren

In april was het merendeel van de personen die hun baan verloren relatief jong. Van de 160.000 baanverliezers waren er 104.000 tussen de 15 en 24 jaar oud. Van hen werden er 25.000 volgens de ILO-definitie werkloos. Jongeren zijn oververtegenwoordigd in getroffen sectoren (bijvoorbeeld horeca) en in flexibele contractvormen. Ten opzichte van maart is het aantal nieuwe WW-uitkeringen het sterkst gestegen bij jongeren (15 tot 25 jaar), namelijk met 75%. De toename bij de andere leeftijdscategorieën ligt lager. Hoewel de procentuele stijging van de WW-uitkeringen onder jongeren fors is, is de absolute toename beperkt (3.300).

Effecten per regio verschillend

Volgens het UWV verschilt de mate waarin de werkgelegenheid wordt geraakt ook sterk per regio. Bepaalde regio’s worden harder geraakt dan andere, omdat sterk getroffen sectoren in deze regio’s zijn geconcentreerd. Groot Amsterdam, Zuidoost Brabant, Noord- en Midden-Limburg worden hierdoor sterk geraakt. Andersom worden sommige regio’s juist beperkt geraakt, omdat zij bestaan uit sectoren die minder hard door de coronacrisis worden getroffen of uit sectoren die juist groeien. Dit is het geval voor Groningen.

Daling gewerkte aantal uren

Dat de arbeidsmarkt verslechtert blijkt ook uit een daling van het aantal gewerkte uren en het aantal openstaande vacatures. Volgens het CPB is het aantal gewerkte uren in maart met 12,5% gedaald. In april stabiliseert het aantal gewerkte uren op 28,5 uur per week. Het CBS heeft 5 juni jl. cijfers over het aantal gewerkte uren gepubliceerd. Hierbij is het gemiddelde aantal uren per werkende in maart afgenomen met 1 uur ten opzichte van maart 2019. De daling in april ten opzichte van april 2019 bedroeg 3 uur. In tegenstelling tot de cijfers van het CPB is de daling dus vooral in april zichtbaar. Verder lag het aantal openstaande vacatures volgens het CBS in het eerste kwartaal op 226.000, 21% lager dan een kwartaal eerder. Dat is de sterkste afname ooit gemeten.

Stijging bijstand

Het aantal aanvragen voor de algemene bijstand stijgt. Uit de gegevens van de Divosa Benchmark Werk & Inkomen blijkt dat het aantal bijstandsaanvragen in maart 56% en in april 78% hoger lag dan in februari. Deze toename zien we ook terug in het aantal geregistreerde nieuwe algemene bijstandsuitkeringen. In maart registreerden gemeenten 3.230 nieuwe uitkeringen en in april waren dit er 3.080. Eind april stonden in de voorlopige cijfers van het CBS in totaal 359.140 algemene bijstandsuitkeringen geregistreerd.

Toename werkeloosheid

Uitgaande van de scenario-analyse die het CPB16 eind maart publiceerde zal de werkloosheid de komende maanden verder toenemen. Afhankelijk van de duur van de contactbeperkingen en de economische doorwerking zal het werkloosheidspercentage naar verwachting stijgen tot 4% of 6,3% in 2020. De Europese Commissie voorspelt in haar Spring Forecast17 dat de Nederlandse werkloosheid in 2020 oploopt tot 5,9%, aanzienlijk lager dan de werkloosheid in de Eurozone (9,6%). Het CPB voorspelt dat de werkloosheid in 2021 verder stijgt, naar 4,5% of 9,4%. In tegenstelling tot het CPB verwacht de Europese Commissie in 2021 een terugloop naar 5,3%. De cijfers en ramingen bevestigen het belang van de verlenging van het noodpakket. Met de verlenging van het noodpakket probeert het kabinet ook de komende periode banen te behouden en inkomens te ondersteunen. Desondanks zullen het zware tijden worden waarin ook mensen hun baan of bedrijf verliezen. Dit vraagt aanpassingsvermogen van ondernemingen en werkenden. Het beperken van de economische schade die deze crisis veroorzaakt, is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van overheid en samenleving. De minister en de staatssecretaris van Sociale Zaken geven aan dat zij het beroep op het noodpakket en de situatie op de arbeidsmarkt nauwlettend zullen volgen en de Tweede Kamer hierover maandelijks verder zullen informeren.

Update Bijstand voor zelfstandigen (Tozo) (6-6-2020)

Vanaf de start zijn er naar schatting 374.000 Tozo-aanvragen (levensonderhoud en bedrijfskapitaal) ingediend. Het merendeel van de aanvragen is voor ondersteuning levensonderhoud (schatting is meer dan 90%). Bij Tozo 2.0 (vanaf 1 juni jl.) is de partnertoets geïntroduceerd. Hierdoor zal naar verwachting het aantal aanvragen dalen, ook doordat de economie gedeeltelijk weer opengaat.

Update Tegemoetkoming loonkosten personeel (NOW) (6-6-2020)

Vanaf de start van de NOW-regeling op 6 april jl. zijn er 144.000 aanvragen ingediend, waarvan er inmiddels 123.000 zijn goedgekeurd. Hiermee gaat het om 2,1 miljoen werkenden. Er zijn ca. 8.500 aanvragen afgewezen, voornamelijk omdat de loonsom in januari en in november 0 euro bedroeg of omdat er geen loonsom in januari en november is.

Het aantal goedgekeurde aanvragen is het grootst in de sectoren horeca en catering, detailhandel en overige commerciële dienstverdeling. De sector horeca en catering heeft het grootste gemiddelde aangegeven omzetverlies (vorige maand 81%). Het aantal goedgekeurde aanvragen bij uitzendbedrijven is sinds de vorige maand met 46% gestegen (met ca. 650). De meeste toekenningen komen toe aan bedrijven met minder dan 10 werknemers (67%).

Update Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeidskrachten (TOFA) (4-6-2020)

Het kabinet gaat toch aan de slag met een steunregeling voor ontslagen flexwerkers (TOFA) die net buiten de bestaande coronamaatregelen vallen. Uitkeringsorganisatie UWV streeft ernaar het loket op 22 juni te openen, maar dat is pas op 19 juni a.s. zeker. Het aanvraagloket zal gedurende drie weken open worden gesteld.

Minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken) had de regeling als optie voorgesteld aan de Tweede Kamer, met de kanttekening dat aan de regeling grote nadelen kleven. Op initiatief van D66 en de PvdA heeft de Kamer toch voor de regeling gestemd.

Hoogte maandbedrag

De TOFA is bedoeld voor werknemers met een flexibel contract, die door de coronacrisis (bijna) geen inkomsten hebben en geen uitkering kunnen krijgen. Aanvankelijk werd gesteld dat je in februari 2020 minimaal € 500,– bruto aan loon moet hebben verdiend om in aanmerking te kunnen komen voor de TOFA. Om ervoor te zorgen dat meer mensen een beroep kunnen doen op de TOFA-regeling is dit drempelbedrag verlaagd naar € 400,–. Door de verlaging van het drempelbedrag zal de tegemoetkoming ook verlaagd worden, van € 600,– bruto per maand, naar € 550,– bruto per maand over de maanden, maart, april en mei 2020. Het maximuminkomen over april 2020 mag niet hoger zijn dan € 550,– bruto. Verdiende je meer, dan kom je niet in aanmerking voor de TOFA.

Fiscale behandeling

De TOFA-tegemoetkoming is een compensatie voor gederfd loon en heeft de vorm van een eenmalige bruto tegemoetkoming. Daarom wordt de tegemoetkoming behandeld als loon en wordt het als zodanig ook belast en vormt het ook inkomen voor de toeslagen. De tegemoetkoming is dus niet onbelast, maar je moet er belasting over betalen. De tegemoetkoming wordt aangemerkt als ‘loon uit vroegere dienstbetrekking’. Daarnaast zal bij alle TOFA-tegemoetkomingen de algemene heffingskorting worden toegepast, dat kun je niet kiezen. Hierdoor kan het zijn dat je na afloop van het jaar, als je de aanslag inkomstenbelasting krijgt, moet bijbetalen als blijkt dat de algemene heffingskorting bij twee instanties (bijvoorbeeld een werkgever en UWV) is toegepast en er daardoor te weinig belasting is ingehouden.

De verwachting is dat de precieze inhoud van de regeling volgende week bekend wordt gemaakt.

Toeristen vanaf 15 juni 2020 weer welkom (4-6-2020)

Buitenlandse toeristen uit landen met vergelijkbare of lagere gezondheidsrisico’s dan in ons land, mogen deze zomer naar Nederland komen. Uiteraard moeten zij zich houden aan alle Nederlandse maatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus. Nederland heeft in Europees verband de grenzen gesloten voor mensen van buiten Europa die geen essentiële reis maken. Dit inreisverbod geldt tot en met 15 juni 2020 en wordt voor die datum in Europees verband geëvalueerd.

Voor de toeristen geldt dat een reservering van een vakantieverblijf verplicht is. Voor buitenlandse toeristen geldt hetzelfde als voor toeristen uit Nederland: het openbaar vervoer is bestemd voor noodzakelijke reizen. Vakantieverkeer valt hier niet onder.

Voor reizigers uit hoog risicogebieden binnen en buiten Europa geldt dat zij een gezondheidsverklaring moeten hebben en het dringend advies krijgen om na aankomst 14 dagen in quarantaine te gaan.

Update Herfinancieren leverancierskredieten (2-6-2020)

Vanwege de coronacrisis wilden verzekeraars het herverzekeren van kortlopende leverancierskredieten afbouwen door de kredietlimieten te verlagen om zelf niet in financiële problemen te komen. Door de onzekerheid voor de verzekeraars hoe bedrijven door de kredietcrisis heenkomen wilden de verzekeraars zonder analyse van de risico’s op individuele bedrijven, voor hele sectoren of landen de limieten afbouwen of intrekken. Hierdoor zou een kwart van de gebruikelijke omzet van de verzekerde bedrijven dreigen weg te vallen.

Daarom heeft het kabinet besloten over te gaan tot herfinanciering. Aanvankelijk was het de bedoeling om de gehele portefeuilles van de verzekeraars voor het hele jaar 2020 te herverzekeren. De Europese Commissie moest hiervoor toestemming verlenen. Zij geven goedkeuring voor maatregelen als de dekking niet verder gaat dan 90%, dus met een eigen risico van 10% (zoals ook in andere Europese lidstaten het geval is, waardoor concurrentievervalsing wordt voorkomen). Schades die voor 1 maart 2020 reeds waren uitgekeerd komen niet voor vergoeding door de Staat in aanmerking. Daarnaast kunnen verzekeraars, die nog niet in beeld zijn, zich nog tot 30 juni 2020 melden om ook deel te nemen aan de herverzekering.

Update Klein Krediet Corona (KKC) (2-6-2020)

De Europese Commissie heeft de regeling Klein Krediet Corona (KKC) goedgekeurd. Sinds 29 mei jl. kun je daarom een beroep doen op deze regeling voor een financieringsbehoefte van € 10.000,– toto € 50.000,–. Leningen die vanaf 7 mei 2020 zijn verstrekt en voldoen aan de voorwaarden van de regeling kunnen bovendien sinds 29 mei 2020 worden geherfinancierd tegen de voorwaarden van de KKC.

De looptijd van de lening is maximaal 5 jaar. Ook niet-bancaire geaccrediteerde financiers kunnen de lening verstrekken. De overheid staat voor 95% garant. De financiers kunnen maximaal 4% van het kredietbedrag aan je doorrekenen. Daarnaast moet je de Staat een eenmalige premie van 2% als vergoeding betalen. Je kunt aanspraak maken op de regeling als je op 1 januari 2019 stond ingeschreven bij de KvK, je omzet minimaal € 50.000,– per jaar bedraagt en je bedrijf voor de coronacrisis voldoende winstgevend was. Ook moet de prognose aangeven dat je de lening kunt terugbetalen.

De aanvraag kun je indienen bij je bank (ABN AMRO, ING, Rabobank, Triodos, de Volksbank) of de andere financiers, die de regeling mogen aanbieden.